Zelfbeeld   

 

Symbolisch beeld: Een prachtig ouderwets zeilschip, opgetuigd met allerlei zeilen, vaart op water waarin een bepaalde golfslag aanwezig is. Het doet denken aan een Spaans galjoen.

Het schip zelf is donkergroen, maar bij de vlaggen is geen sprake van een bepaalde kleur. Het is alsof een aantal kleuren in het doek verweven zijn, die door de speling van de wind voor een bepaalde kleuring zorgen. Voornaam en statig is de uitstraling van dit schip.

Mogelijk weet u dat als wij het over een schip hebben u zichzelf kunt vergelijken met zo'n schip. Wij hebben niet voor niets dit Spaanse galjoen laten zien, want u weet dat de Spanjaarden in vroegere tijden ontdekkingsreizigers waren, en ook wij zouden graag zien dat u zichzelf weer gaat ontdekken.

Wij zien u als een heel statig schip, een voornaam schip, als een schip dat respect afdwingt en ook de kleuringen van het zeil zeggen iets over uw eigen kleuringen die u in de loop van de tijd laat zien.

De wind heeft hier vrij spel en de wind kunt u zien als de onrust die u ervaart bij mogelijk stressvolle situaties. 

En ieder mens zal op zijn eigen manier daarop reageren: vanuit zijn eigen kleuring, karakter, het genetische materiaal en oude ervaringen.

Ieder mens heeft een eigenheid die niet te vergelijken is met een ander schip. Hierin bent u uniek, bent u duidelijk aanwezig en herkenbaar.

Wij hebben daar een grote kijk op. Wij weten wat voor een kracht in ieder van u zit, welke mogelijkheden ieder van u heeft en die spreken wij ook graag aan.

Onze manier van spreken heeft een weerklank op juist uw kleuringen, op uw ervaringen, op de mogelijkheden die u als mens heeft.

Zoals wij al zeiden: 'Dit schip dwingt respect af, het is voornaam, het is statig, het is duidelijk aanwezig'.

Wij hopen dat ieder van u ook deze mogelijkheid te baat neemt om een ander zelfbeeld te creëren, want wij zien heel vaak dat het zelfbeeld van u, en natuurlijk is dat bij iedereen weer anders, nooit overeen komt met wie u werkelijk bent.

Het zelfbeeld is vrij vaak vertolkt door de opvoeding, door hoe mensen toen u nog kind was met u omgingen, hoe de goegemeente op u reageerde als u soms dwars was of soms iets anders wilde.

Werd het kind daarbij op zijn vingers getikt, dan had hij al vrij snel door: 'dit wordt niet getolereerd van mij, dus ik moet maken dat ik mij een beetje gedeisd houd en proberen om toch maar datgene te doen wat men van mij verwacht'.

Maar zo langzaamaan raakte die eigenheid steeds verder ondergesneeuwd en kwam bijna niet meer tevoorschijn. In de pubertijd probeerde men nog wel een paar keer om in zijn eigenheid te gaan staan, maar ook dan werd het vrij snel de kop ingedrukt en gaf dat ook hetzelfde beeld: ik wil wel heel graag zijn wie ik werkelijk ben, en u ging schoppen tegen alles en iedereen, maar tegelijkertijd probeerde u zich toch te manifesteren al zijnde: 'ik ben onderdeel van de groep en ik wil geen buitenbeentje zijn bij leeftijdgenoten', dus ook hierin heeft u zichzelf in gedrag en mogelijkheden aangepast.

 Dit laat zien dat geen één mens een zelfbeeld heeft dat overeenkomt met wie hij werkelijk is. Dit vinden wij ontzettend jammer!

Een mens denkt: 'ik ben niks en ik zal mijn mond maar houden, of ik ben dom, of mensen schamen zich voor mij, of ik kan niet zo goed uit mijn woorden komen, of ik heb niet gestudeerd enzovoort'. 

Iedereen heeft redenen om zichzelf op een bepaalde manier te manifesteren.

Wanneer hij dat als belangrijk ziet, dan zendt hij dat ook uit, waardoor een ander denkt: 'nou ja, ik weet niet wat ik met die persoon aan moet, want hij laat zo weinig van zichzelf zien, ik krijg niet de indruk dat ik daar nog eens een extra blik op moet werpen'.

De mens die op een bepaalde manier over zichzelf denkt, straalt dat uit in de kleuring van de aura, in de kracht of juist in de ontkrachting van zichzelf. En de mens die hoopt dat hij gezien wordt, komt dan geen mensen tegen die ook werkelijk zien wie hij is.

Want gaat u er maar van uit: ieder mens is zijn eigen schip, met zijn eigen kleuren en dat betekent ook dat geen één mens vanuit zijn eigen kracht kan kijken naar de kracht van een ander. Ieders kracht is versluierd, heeft al een verkleuring doorgemaakt en men kijkt vanuit deze kleuring naar de kleuring van een ander.

 

De mens die in zijn eigen kracht staat, laat gewoon zien wie hij is ongeacht wat anderen daarvan vinden, en daarin zal de eigen kleurrijkheid heel gemakkelijk doorglanzen in zijn aura.

Ieder van u kent de krachten, merkt dat alle krachten aanwezig zijn in uzelf, maar u maakt hierin keuzen: dié kracht mag naar buiten komen en dié kracht hou ik voor mezelf, die hoeft niemand te zien.

Niemand hoeft te zien dat ik boos ben of dat ik dwars kan liggen, niemand hoeft te zien dat ik vriendelijk kan zijn, dus iedereen speelt een spelletje, speelt een bepaalde rol in dit leven, waardoor hij een heel verminkt beeld van zichzelf laat zien aan de buitenwereld. Toch zegt de mens van zichzelf: 'Jeetje, ik ben veel meer dan wat andere mensen in mij zien en ik zou zo graag willen dat dit naar buiten kan komen, naar buiten mag komen'.

Van iemand die al in zijn volwassenheid staat en denkt: 'ik ben volgroeid, ik weet wie ik ben', zou men verwachten dat hij nu zover is om zichzelf te laten zien wie hij is en daarin een keuze gemaakt heeft, ongeacht hoe anderen naar hem kijken. 'Ik sta voor wie ik ben, in mijn eigen kracht, in mijn eigen kleurrijkheid'.

Maar ondanks dat wij volwassen mensen in de stof zien, zien wij dit niet in de uiting en bent u nog een kind dat tijdens zijn leeftijdsgroei veel indrukken heeft opgedaan vanuit opvoeding, school, godsdiensten of wat dan ook.

Zodat hetgeen u op volwassen leeftijd laat zien, al zo verminkt is, zo instabiel is, dat geen één mens kan zeggen: 'Ik ben volwassen!'

Uw wezen kent uw kracht, uw wezen kent uw mogelijkheden en wanneer u luistert naar de impulsen die van binnenuit komen en deze gaat volgen, dan kunt u niet anders meer dan in uw kracht staan. Want uw wezen is de krachtbron van het stoffelijke bewustzijn, het is tevens de intermediair tussen de Wereld van de Wijsheid en de stofwereld.

Ieder mens die een keus maakt: 'ik volg diegene wie ik werkelijk ben', kijkt niet meer hoe het met de ander gaat.

Hij weet: 'ieder mens heeft zijn eigen kracht, ieder mens heeft zijn eigen mogelijkheden. Ik kan alleen maar gebruik maken van mijn mogelijkheden, ik kan alleen maar in dit leven totaal aanwezig zijn en alles wat aanwezig is in mij maak ik naar buiten toe kenbaar. Daar is ruimte voor!'

U hoeft zich niet aan te passen, nee, er is ruimte om uzelf te zijn, mits u dat uzelf toestaat. U kunt uw ouders of de kerk niet meer de schuld geven.

Iedereen die vroeger een woordje meesprak: 'dit is goed of dit is niet goed', heeft geen recht van spreken meer en u bent nog de enige die zegt: 'ik kan het niet maken om mij op die manier naar buiten toe te manifesteren, laat ik me maar gedeisd houden, laat ik maar in mijzelf blijven'.

Tegelijkertijd zien wij dat ieder mens graag gezien wil worden door de ander. Maar ja, zolang hij zichzelf niet ziet, zal een ander hem ook niet zien.

Dit is een wetmatigheid die wij niet kunnen veranderen, die kunt alleen u veranderen, in de zin dat u zegt: 'Ik laat mezelf zien en daardoor zien andere mensen mij ook'.

 

Op het moment dat u merkt: die ander ziet mij niet, ga er dan maar van uit dat het geen onwil is van de ander. Maar vraag uzelf eens af: hoe komt het dat een ander mij niet ziet. Wat verstop ik voor mijzelf?

Dan zult u, als u eerlijk bent naar uzelf, erachter komen dat er nog erg veel in u is wat niet gezien mag worden. Want iedereen heeft een soort tiengebodenschriftje in zijn denkkap: dit is goed en dat is niet goed!

 

***