Leraarschap en de begeleiding
 

Symbolisch beeld: Ik krijg de leraar te zien en hij staat pontificaal voor mij. Hij is heel groot en mijn hoofd komt ongeveer tot aan zijn buik. Hij heeft een heel lang kleed, een soort pij aan en die valt in plooien om hem heen. En juist op ooghoogte van mij zie ik dat er dubbele plooien in dat kleed zitten. 
De buitenkant van de pij heeft een zilveren gloed. Maar nu beweegt hij zich en zie ik dat die plooien aan de binnenkant een andere kleur hebben; ik krijg rood, geel, oranje te zien…  dus de kleuren van de chakra's zitten aan de binnenkant van de plooien, maar allemaal wel met een zilveren gloed eroverheen.

Nu treedt hij een stukje terug en zie ik hem in vol ornaat. Hij heeft hele lange zilveren haren en dat gezicht van hem, dat vind ik altijd zo mooi!
Maar ik kan nooit zeggen of het een man of een vrouw is. Hele zachte gelaatstrekken. Ik heb het altijd over een hij, maar ik kan net zo goed zij zeggen, door de vrouwelijke gelaatstrekken. Als ik naar zijn handen kijk, zijn het hele mooie handen met slanke vingers.
De pij valt in plooien over de grond. Het is een prachtige verschijning.

 

Er is een aardig beeld geschetst van mij. Nu kunt u zich afvragen: waar gaan we het dan over hebben? Wij vinden dat wij even een grotere kijk moeten geven op de Wereld van de Wijsheid, maar ook op ons, leraren. Want wij spreken altijd over: 'Wij, leraren'. Wij zijn altijd aanwezig en deze lessen zouden nooit doorkomen, als wij er niet bij waren. Iedereen kent wel het principe 'leraar', maar daar blijft het dan bij en verder weet u weinig van ons.
Wij vinden het best leuk om eens over onszelf te spreken en het uitgebreid te hebben over het leraarschap.
Niet alleen over het leraar-zijn, maar ook over het leraarschap, wat houdt dat in en wat kunt u daarmee als mens?

Er zijn zeven leraren en die zijn niet gekozen, zo van: hier zijn een aantal leraren en wij hebben gedobbeld wie er als leraar mag optreden en wie niet. Nee, het is een geestelijke wet dat er zeven leraren aanwezig zijn, die allemaal een plaats hebben rond het pierebad. U weet, u kunt de Wereld van de Wijsheid voorstellen als een groot zwembad waarin een pierenbad, een kikkerbad, het één-meterbad en het diepe bad te vinden is.
Alle wezens die voor de menselijke vorm gekozen hebben, kunt u zien als de druppels van het water in het pierenbad. 
U kunt er vanuit gaan dat wij, zeven badmeesters, allemaal connectie hebben met de wezens die in zo'n bad zitten. Dat wil niet zeggen dat het een gedrang is, en dat we ons alle zeven met één wezen bezighouden, maar wij hebben wel de mogelijkheid om te kijken: wat heeft een wezen nodig om verder op zijn pad te komen?


Want het is onze taak om het wezen te begeleiden naar het volbewustzijn, zodat het een overstap kan maken naar een ander bad.
Wij blijven steeds verbonden met dat ene pierebad, en houden ons alleen bezig met de wezens die voor de menselijke vorm hebben gekozen.

Het menszijn als zodanig, heeft voor ons totaal geen verrassingen meer, wij kennen het menszijn van binnen en van buiten, ook al hebben wij nooit op deze planeet rondgewandeld.
Maar gaat u er maar vanuit: als het over een ander pierebad gaat, dan moeten wij het hebben van de verhalen die wij horen van andere leraren, wij hebben er zelf geen connectie mee.
Op algemeen niveau is het allemaal onderdeel van de Wereld van de Wijsheid en is het de energie die ons samenbindt, ook u allen als wezens samenbindt.
Dat geeft ook de verbondenheid met de andere pierebaden, maar wij blijven allemaal op ons eigen stekje zitten. Juist omdat het toch een specialisatie is, die nodig is om alle wezens te kunnen begeleiden.
Als u naar een basisschool kijkt, vindt u daar een meester die verschillende vakken geeft. Maar wij als leraar kunnen niet zeggen: 'Ik geef alle vakken', want wij kunnen alleen maar voor ieder wezen kijken: wat heeft het nodig en bij welke leraar kan hij het beste uit de verf komen?
U kunt het vergelijken met een middelbare school waar een leraar één vak doceert en daar behoorlijk veel vanaf weet. Zo kunt u de leraren van de Wereld van de Wijsheid ook zien.

Ieder van ons draagt een bepaalde energie uit, en aangezien er zeven leraren zijn, zijn er ook zeven verschillende energievormen. Wij noemen dat de toonkleuren. Het ligt er maar aan welke energie het wezen nodig heeft en verder kan helpen op weg naar het volbewustzijn.
Het kan dus zijn dat het in het leven voor een bepaalde leraar kiest, zeg Jantje. En in het volgende leven heeft het misschien Pietje nodig als leraar. Deze overstap kunnen wij in het pierebad voor elkaar krijgen.
De leraar met zijn energievorm, blijft het hele stoffelijke leven bij het wezen en pas als deze weer terug gaat naar de Wereld van de Wijsheid en voelt: ik wil verder, er is nog veel meer te leren, dan krijgt het de mogelijkheid om voor een andere leraar te kiezen.
Wij kunnen niet wisselen op het moment dat u als mens aanwezig bent, want dat zou erg veel van u vragen.
U moet dan steeds aan een andere energievorm wennen.


Nu kunnen wij een heel mooi lijstje geven van onze energieën, van onder andere genezing, bescherming en van alle energievormen waar een mens mee te maken kan krijgen, en waar hij ook in zijn taak mee te maken krijgt, maar dat wordt dan alleen een opsomming voor u.
Weet dat iedere vorm van energie van zo'n kwaliteit is dat het niet vermengd kan worden met een energievorm van een andere leraar, want dat zou een grote chaos teweegbrengen bij de mens waar het wezen gebruik van maakt en dat mogen wij niemand van u aandoen.
Wij weten dat onze energie ver reikt en er onnoemelijk veel wezens in ieder van ons aanwezig zijn. Zij kunnen zich daarin manifesteren en het gevoel hebben: ik ben thuis, de energie van de leraar waar ik bij hoor, voelt als een warm bad.

U zult ook gaan merken dat u alleen contact legt met mensen die dezelfde energie in zich dragen. Want die energie is van een kwaliteit en ook dermate sterk dat u, wanneer u in uw dagelijks leven met mensen in aanraking komt die bij een andere leraar in de energie staan, dat niet kunt behappen.
En dat is ook helemaal niet vreemd, want daardoor zijn culturen ontstaan, verschillende godsdiensten ontstaan, juist door al die energievormen van ons.

Laten we even het spoor van de godsdiensten nemen. U weet van uzelf dat het christelijke spoor u wel ligt en ook al kan deze filosofie uitgebreid zijn en vele facetten in zich dragen, u voelt op de een of andere manier daar een verbondenheid mee.
U kunt dan wel even buurtje-kijk-uit spelen bij de Oosterse godsdiensten of de Islam enzovoort, maar het blijft alleen een beetje ruiken aan wat de energie inhoudt. U kunt het zich nooit eigen maken, omdat het niet overeenkomt met de energie die uw wezen bij zich draagt en waarin het ondergedompeld is.
Het laat ook zien dat alle zijspoortjes, alle uitstapjes van mensen in de blauwe en in de paarse trilling, energie-verspilling is. Zij voelen dat hun godsdienst hen niets meer te zeggen heeft en gaan bij andere godsdiensten kijken.
Het spijt ons voor u, maar diegene kan daar nooit de finesse uit halen, kan nooit voelen hoe dat is.
Het is alleen maar ruiken aan… en daar blijft het bij, juist omdat het wezen de energie bij zich draagt van een leraar die met een bepaalde godsdienst verbonden is, en die leraar wordt als bron gebruikt door de mens.
Hierin maken we toch een grote afscheiding en dat is niet omdat wij dit graag willen, maar het is een geestelijke wet. Dat ligt vast en daarin hebben wij ook niks te willen en we kunnen ons alleen maar hiernaar voegen.
Wij weten dat de mogelijkheden die wij in onze eigen energie hebben dermate groot zijn, dat het niet nodig is om ons met andere dingen bezig te houden.

Wij willen heel graag dat de wezens verder komen op hun pad en dat doen we niet tot meerdere eer en glorie van ons- zelf, maar heeft te maken met het wezen, dat onderdeel is van ons.
En op het moment dat uw wezen een grotere kijk gaat krijgen, dan hebben wij daar ook profijt van, want daardoor groeien ook wij.
Het is een samenspel tussen uw wezen en ons en dit samenspel is 24 uur per dag deel van u als mens.
Maar door het feit dat de mens een denkkap heeft, hij allerlei spelletjes speelt via de politiek of op allerlei relationele gebieden, herkent hij het samenspel niet meer tussen de energie van ons leraar-zijn, uw wezen en uw menszijn.
Dat vormt samen een driehoek: het lichaam is het stoffelijke deel, het wezen is het geestelijke deel en de energie van de leraar. 
Deze driehoek is altijd onderdeel van u en als u volbewust bent, kunt u geen afscheid meer nemen van die driehoek, want die wordt steeds opnieuw gevoed, waardoor uw kijk op de Wereld van de Wijsheid groter wordt.
Er is geen plafond en wij kunnen niet zeggen: 'U bent nu volbewust, u bent uitgeleerd'.
Dit is een doorlopend proces waar ieder van u in zit, en juist dit doorlopende proces is onderdeel van onze taak, om u daarin bij te staan, u daarbij te helpen.


De hulp die wij geven kan zeer divers zijn. Wij hebben de mogelijkheid om ons, wanneer het nodig is, te manifesteren. Maar aangezien geen mens onze manifestatie aan kan, alleen maar heel kleine deeltjes hiervan, zijn onze energie-trillingen hierop afgestemd.
Dus wanneer iemand alleen de blauwe trilling tot zijn beschikking heeft en wij hem in een droom willen laten zien dat de leraar aanwezig is, dan zullen wij zorgen dat de trilling van dien aard is dat die overeenkomt met de trilling van degene die de boodschap ontvangt, want anders zou deze nooit overkomen.

 

Ook hebben wij steeds de mogelijkheid om vanuit onze energie vormen te fabriceren, zodat de mens het gevoel heeft dat hij wat ziet. Wij kunnen van deze energie gestalten maken.
Ook in hetgeen Magda ziet en zij in de teksten moet uitleggen, wordt gebruik gemaakt van deze energie en wij kunnen deze energie zo richten dat zij in een soort spiegel kijkt en in die spiegel worden al deze beelden weergegeven.

Wij maken in de Wereld van de Wijsheid altijd gebruik van volbewusten om de wezens te helpen. Wij horen regelmatig over meesters en entiteiten die via channeling gevraagd worden om informatie. Wanneer ik nu dit beeld schets, dan laat dit zien dat een volbewuste nooit zonder mijn medeweten zijn werk mag doen.
Dus wanneer een volbewuste in mijn energie staat en opdracht krijgt om boodschappen door te geven vanuit de geestelijke wereld, dan moet u ervan uitgaan dat de mensen die deze boodschappen ontvangen ook volbewusten zijn, maar dan in de stof.
Want als er gebruik gemaakt wordt van mensen die in de blauwe trilling zitten, dan kan de entiteit die in de witte trilling zit nooit datgene doorgeven wat hij wil, omdat de mens in de blauwe trilling dat niet begrijpt.
En ik zie alle boeken op deze aarde, ik zie de gespreksgroepen over… en de kleuringen die mensen geven aan de boodschappen, die doorgekomen zijn. Ik moet die mensen dan ook teleurstellen: een entiteit die in mijn energie staat, in mijn dienst staat, zal nooit gebruik maken van iemand die zich nog voor laat staan op channeling.
U hoort Magda dit woord ook nooit gebruiken, want zij channelt niet.
Wij maken gebruik van haar wezen om dit door te geven. Maar wanneer een mens zegt een kanaal te zijn, en dat kan alleen via een chakra, ga er dan maar van uit dat dit in onze optiek van werken niet kan bestaan.

Zoals u heeft gelezen is het onze taak om wezens te begeleiden naar het volbewustzijn en die begeleiding kan heel breed zijn en uit verschillende vormen bestaan. Want wij weten wat ieder wezen nodig heeft, maar tevens kennen wij de mogelijkheden van de mens waar het wezen gebruik van maakt.
Het kan dus niet anders dan dat wij ons ook met de mens bezighouden en onze begeleiding afstemmen op wat de mens aankan.
U hoort ons soms zeggen dat het wezen voor ons de eerste prioriteit is en wij de mens van minder belang vinden, maar wij weten dat als de mens de handdoek in de ring gooit, ook het wezen niet toekomt aan zijn lessen.
Daarom zal onze begeleiding altijd tweeledig zijn; enerzijds het wezen, anderzijds de mens.
Dit betekent dat willen wij de mens helpen zich open te stellen voor het wezen, wij dus op de hoogte dienen te zijn van de blokkades, de angsten, de kwetsbaarheid, de pijn en de verwarring waar een mens in verzeild kan raken.
Gelukkig kunnen wij rekenen op een grote groep helpers, zowel aan onze kant als in de stof, die wij kunnen inschakelen en die we soms even mee laten oplopen met de mens die de weg kwijt is.
Als voorbeeld: Magda kreeg eens een opdracht om 's nachts naar buiten te gaan en wij lieten haar contact leggen met een vrachtwagenchauffeur die niet meer wist waar hij was, want wij ontvingen zijn roep om hulp en konden op zo'n moment rekenen op een medewerker die op onze aanwijzingen naar hem toe geleid werd.
Dit gebeurt bij ieder mens die hulp vraagt…


De mens die geholpen wordt weet niet dat het een geestelijke helper is, en soms wordt deze hulp ook afgewezen.
Toch voelen wij de intentie van de persoon die in wanhoop zegt: 'God help mij', en of hij het nu aan God vraagt, aan de leraar vraagt of aan een kerkelijke heilige vraagt… het maakt niet uit.
De intentie van de hulpvraag wordt altijd door ons ontvangen. Wij kunnen daar niet aan voorbijgaan en kijken hoe die mens het beste geholpen kan worden. Wij zien dat een mens enorm kan struikelen en dan zijn wij aanwezig om te zeggen: 'Kom mens, nou mag je even rusten, wij willen je helpen'.
Doch wij gaan niet ongevraagd hulp geven, we mogen alleen hulp geven op het moment dat een mens eraan toe is om de hulp te vragen. Maar u kunt ons nooit voor uw karretje spannen. Dat is natuurlijk een voordeel voor ons, als wij op deze manier werken.
Wij hebben vele mogelijkheden om de mens bij te staan.
We maken wel onderscheid, het ligt aan de ontwikkeling waar de persoon in zit. Iemand die al zover is dat hij zelf contact kan maken met zijn wezen zullen we anders benaderen, dan iemand waarvan wij weten dat hij denkt: ik moet bidden, wil ik hulp ontvangen.
De mens die al verder op pad is in zijn stoffelijk bewustzijn kunnen we in een droom laten zien wat er speelt, maar ook kunnen wij hem rechtstreeks benaderen en ervaart de mens dat hij opeens het antwoord in zichzelf weet.

***