
De kabouter
Hieronder vindt u een
uitleg over de kabouter en er zijn gedichten en teksten geplaatst die
daarover verhalen, maar dit is een summiere weergave.
In het boek ‘De ezel en de Klaproos’ en de lesboeken vindt u verdere
informatie.
***
De Leraar vertelt:
sommige mensen vinden de kabouter maar een kinderlijke metafoor.
Maar als wij u vertellen dat Wijsheid niets met kennis van doen heeft,
maar alleen verworven kan worden in de onschuld en de speelsheid van
een kind, is het voor dit kind dan niet leuk om een kabouter te
ontmoeten?
Daarom zult u het woord kabouter regelmatig in onze verhalen en onze
gedichten tegenkomen, want de kabouter kunt u zien als uw eigen
natuurkracht die fungeert als intermediair tussen uw wezen en wie u als
mens bent.
En wanneer u daarmee in contact staat zult u merken dat de kabouter
o.a. eigenwijs, speels, fantasievol of streng kan zijn, dus een bepaald
karakter-aspect vertegenwoordigt dat soms haaks kan staan op de
karakter-eigenschappen van uw menszijn.
Het
Kabouterdorp
Ik loop in een heel groot bos dat de wereld van de ervaringen verbeeldt
en terwijl ik daar zo wat rondwandel en om me heen kijk zie ik opeens
dat er allemaal kabouters in dit bos zijn.
Er zitten er wat tussen de grassprietjes verscholen en er zijn er een
paar bij die heel nieuwsgierig, zelfs een beetje brutaal zijn, alsof ze
overal met hun neus bovenop willen zitten en precies willen weten wat
ik hier kom doen.
Ik groet ze vriendelijk en vervolg mijn weg.
Sommige kabouters hebben blauwe pakjes aan, anderen zijn in het paars
gekleed en een enkeling draagt een pakje dat met een rode bies is
afgezet.
Een aantal van deze kabouters heeft een groepje gevormd en is met veel
plezier een rondedansje voor mij aan het maken, maar ik zie ook
figuurtjes die heel verlegen zijn.
Zo zie ik een kaboutertje in een geel pakje dat met zijn vingertje in
de mond, tegen een boomstronk aangeleund staat en van een afstandje
toekijkt naar wat de anderen allemaal aan het doen zijn.
Dan valt mijn oog op de kabouterhuizen waarvan er sommige een
schoorsteen hebben waar rook uitkomt. Deze huisjes horen bij heel
bezadigde kabouters die al menen te weten hoe de wereld in elkaar
steekt en daarom niets meer hoeven te ontdekken. Ze gaan rustig hun
eigen gangetje en zitten met een pijpje voor hun huisje te kijken naar
wat de jonge kabouters allemaal voor malle streken uithalen.
Ik maak een rondje door
het hele kabouterdorp en zie overal deuren. Er zijn bomen die een
deurtje hebben waar de kabouter door naar binnen kan, maar ik ontdek
ook allerlei ondergrondse behuizinkjes.
Dwars door dit dorp loopt een soort stroom, een waterloop die het
dorpje in tweeën deelt.
Ik kijk naar het water en zie dat het op dit ogenblik kalm en rustig
stroomt, maar ik voel dat de rivier op andere momenten ook heel
onrustig en kolkend kan zijn.
En over dit water loopt een brug.
Aan de rechterkant wonen de trollen, aan de linkerkant leven de
kabouters en deze brug wordt gebruikt om vanuit de trollenkant weer
terug naar de kabouternatuur te kunnen gaan.
De Leraar vertelt: er is een beeld geschetst over een wereld waar uw
wezen deel van uitmaakt.
In onze taal wordt gebruik gemaakt van de symbolen van de kabouter en
de trol.
De kabouter is de natuurlijke kracht die in de mens aanwezig is en de
kabouternatuur heeft verbinding met de Wereld van de Wijsheid.
De trollenkant is de energie die bezig is om te overleven in de
stofwereld en deze heeft geen contact met de wereld van de wijsheid.
Ieder van u heeft een kabouter in zich en ieder van u kent ook de trol
in zichzelf.
De onrust waar dat water voor staat, noopt de mens tot het maken van
keuzen.
De mens heeft het idee: “ ik kan op deze manier niet verder, ik ben
onrustig en wil ik verder kunnen in mijn leven dan zal ik moeten kiezen
voor mijzelf” en dat is dan de kabouternatuur.
De mens ervaart het als straf als hij zo onrustig is, een mens kan daar
depressief van worden, ziek van worden, lichamelijke klachten van
krijgen, maar dit zijn hulpmiddelen om de keus te maken om over het
bruggetje naar de kabouternatuur toe te gaan.
Nou ja! Een kabouter als metafoor,
daar achten veel mensen zich toch te verstandig voor!
Dit mannetje, dat symbool staat voor de natuurkracht in de mens,
is een te ‘simpel’ beeld en voldoet niet aan de intellectuele wens.
Maar inzicht kan alleen verworven worden in de onschuld van een kind,
dat spelenderwijs zijn weg in de geestelijke wereld wel vindt.
Het kind in u weet wat waar is, herkent wat de kabouter bedoelt,
maar kan het vaak niet verwoorden, het moet worden aangevoeld.
Het denken daarentegen
is altijd met emoties omkleed
en heeft geen flauw benul van wat de mens diep van binnen Weet.
Gedachten zetelen in de kruin, in de takken van de boom,
terwijl de kabouter uw wortels kent en u opzoekt in uw droom.
De trollennatuur wil overleven, maar de kabouter ziet wat er speelt,
de bron is verschillend, vandaar dat het dorp in tweeën is gedeeld.
Waar de trol roept: “Ach en wee,
lieve hemel en oh jee,
wat wordt mij nu weer aangedaan,
al die problemen, wat is het leven toch een straf!”
Vraagt de kabouter zich simpelweg af:
“Zou ik er ook anders mee om kunnen gaan?”
Maar gelukkig is er altijd de brug
en kunt u van de trol zo weer naar de kabouter terug!
Wanneer u dan aan de
regie van het denken ontsnapt,
vindt u de kabouter die voortaan aan uw zijde stapt.
Het schijnsel van zijn lantaren heeft een groter bereik,
werpt licht op situaties en verdiept uw kijk.
Hij vertelt over mogelijkheden die u voorheen nog niet zag,
wijst u op kansen en gaat uit van het principe: ‘pluk de dag’!
Ook al is het soms
uithuilen en weer opnieuw beginnen,
het is durven luisteren naar wat u voelt heel diep van binnen.
En zo door de kabouterkracht begeleid,
beloopt u de Zilveren weg, het pad van de Wijsheid.
***
Ik ben in een wei en zie
dat daar een modderstroom is. Het is bruin van kleur, een dikke brei en
daarin komen allemaal luchtbellen, gasbellen omhoog.
De Leraar vertelt: De mens ervaart emoties, de mens ervaart het als
goed, maar de emoties zijn als de luchtbellen in de modderstroom,
emoties zijn troebel, emoties verstikken, emoties maken dat het
uitzicht op de werkelijkheid verdwijnt.
Emoties zijn reacties van het zenuwgestel, volgend op gedachtepatronen
in de mens.
De emotie liefde, de emotie seksualiteit, de emotie moederschap, de
emotie vriendschap, de emotie godsdienst, de emotie bezit, de emotie
verslaving, de emotie status.
De kabouters kennen deze emoties niet, alleen trollen kennen deze
emoties.
De wei waar deze modderstroom door heen loopt geeft een heel natuurlijk
beeld, het betekent dat de mensen in deze cultuur er vanuit gaan dat
deze modderstroom zuiver is.
In de Wereld van de Wijsheid weet men dat dit obstakels zijn, want een
emotie is altijd gericht op overleven en is niet gericht op
groeikracht.
Een emotie is altijd ergens óm.
Een impuls is een rechtstreekse beweging vanuit de kabouternatuur.
De mens herkent wel de emoties, maar de mens herkent bijna niet de
impulsen in zichzelf.
Impulsen komen voort uit het zilver, uit iemands wezensbewustzijn en
deze vertellen de mens wat bij hem past en wat niet bij hem past.
***
De kabouter
Ieder mens heeft een kabouter tot zijn beschikking.
Het is de natuurlijke kracht die in de mens aanwezig is en deze
kabouternatuur heeft verbinding met de Wereld van de Wijsheid.
Deze kracht is onderdeel van de vrouwelijke component in ieder mens.
De kabouter kent geen emoties.
De kabouter heeft veel hoedanigheden in zich die een mens kan
gebruiken.
- De kabouter vervult een bemiddelende rol tussen het stoffelijke
bewustzijn en
het wezensbewustzijn.
- De kabouter weet van lessen af.
- De kabouter weet van groei af.
- De kabouter herkent oude relaties.
- De kabouternatuur wil geen concessies doen, maar wil alleen
volgen waarvan hij
zelf weet dat goed is.
- Hij weet van de mogelijkheden die de mens heeft en de kabouter
maakt daar
ook gebruik van.
- Hij heeft contact met alle ervaringen van zijn wezen en de mens
kan door
toedoen van de kabouter kennis nemen van de wereld die in hem is.
- In de kabouternatuur zit de werkkracht en hij gebruikt niet de
wilskracht.
Klik op het driehoekje om te luisteren.
Klik hier (met de
rechtermuiskop>Doel
opslaan als..)
om dit bestand als MP3 te downloaden.
Uw ware natuur
De kabouter reageert heel puur,
op wat hem beroert vanuit uw ware natuur.
Normen spelen daarbij geen enkele rol,
uw kabouter houdt wel van een beetje lol.
Doe eens gek, laat hem eens stoeien,
uw pensioen is toch niet het enige dat moet groeien ?
De bril
Het is een wereld van verschil,
wanneer u kijkt door de kabouterbril.
Dan wordt niet meer alles wat er gebeurt
door emoties ingekleurd.
Uw werkelijke Ik
Ook al lijkt hij soms uw tegenpool,
de kabouter staat voor uw werkelijke Ik symbool.
Hij vertegenwoordigt ’t witte paard in al haar kracht,
staat voor uw dromen en wat u niet had bedacht.
Hij heeft een baard of komt pas kijken
en u zou maar wat graag op hem lijken.
Hij reageert onvervaard in het hier en nu
en deze kabouter is aanwezig in ieder van u.
De fiets
Symbool voor “op eigen kracht” dat is de fiets,
maar de kabouter vindt gebaande paden niets.
Hij wil crossen door het bos,
laat de bekende weg veel liever los .
En zonder angst voor dreigend gevaar,
zegt hij simpelweg: ‘Ervaar!’
Dus als u weer uw fiets pakt uit de schuur,
laat dan de kabouter eens aan het stuur.
Hij kiest de weg die leidt naar het Weten,
want wie u Werkelijk bent is hij immers
niet vergeten.
Heldere dromen
Zijn uw dromen wel eens
zó helder van kleur?
Stel uw kabouter dan niet teleur.
Luister naar hem, hij weet u uit te leggen,
wat de symbolen u willen zeggen.
De boom
De boom met het deurtje, u allen wel bekend,
staat voor het stoffelijk bewustzijn,
dus voor wat u herkent.
Gedachten zetelen hoog in de takken,
maar voor ’t lijntje met de kabouter moet u zakken.
En via zijn woning op de begane grond,
maakt u contact met uw wortels en blijft de boom gezond.
Het gaan staan in uw volle glorie en pracht,
dat is wat de kabouter van u verwacht.
Leg uw hand op uw buik,
voel de energie in uw voeten,
dan zult u de kabouter ontmoeten.
Klare taal
De mens die zich niet zo snel voor schut voelt gezet,
werkt samen met zijn kabouter, die zich overal redt.
En al wordt hij vaak beschouwd als naïef,
in werkelijkheid is deze mens zeer inventief.
Ook al is zijn reactie soms lang niet mis,
hij reageert alleen maar vanuit wie hij is.
Want voor de mens die zonder schijn door ’t leven gaat,
is ‘de mantel der liefde’ een bescherming die niet bestaat.
Hij gebruikt geen doekjes voor het bloeden,
ziet meer mogelijkheden dan de ander kan vermoeden.
En wat zijn omgeving van hem denkt,
is iets waar deze mens geen aandacht aan schenkt.
Hij weet immers dat het denken op de horizontale lijn,
op overleven gericht is, zich onzeker voelt en klein.
Want redt een denkkap niet graag zijn eigen hachje
met een minzaam knikje of een neerbuigend lachje?
***